Hoe lees je een prentenboek voor? Drie voorleesmanieren onder de loep

De wereld van het jonge kind | Full-text | Femke van der Wilt, Hieke van Til, Rianne Hofma, Claudia van Kruistum, Chiel van der Veen

In het kleuteronderwijs is het voorlezen van prentenboeken een dagelijks terugkerende activiteit. Tijdens een schooljaar worden er dan ook heel wat prentenboeken versleten. Maar hoe kun je een prentenboek nu het best voorlezen? Stel je wel of geen vragen tijdens het lezen? En wat doe je als het boek uit is? In dit artikel lees je hoe je één prentenboek op drie verschillende manieren kunt voorlezen en wat het effect daarvan is op de taalvaardigheid van kleuters.

Mindmap van prentenboek

Didactief | Full-text |  Femke van der Wilt, Claudia van Kruistum, Menno van der Schoot, Chiel van der Veen

Er is nog weinig onderzoek gedaan naar het effect van mindmappen bij kleuters. Gaat hun taalvaardigheid sterker vooruit als ze samen met de leerkracht mindmaps maken van het voorgelezen verhaal?

Waarom de mediaopvoeding door Nederlandse ouders géén probleem is

LinkedIn blog | Claudia van Kruistum

‘Een derde van de ouders weet niet wat hun jonge kind doet op een beeldscherm’ zag ik in mijn nieuwsfeed voorbij komen. Dat leek me een ernstige zaak en ik klikte op de link om het volledige bericht te lezen. Alarmerende koppen zijn effectief: onderzoekers die een probleem signaleren krijgen meer aandacht voor hun werk. Sommige ouders worden onzeker: moet ik een tijdslimiet gaan hanteren? Die onzekerheid is helemaal niet nodig want Nederlandse ouders zijn al goede ouders, durf ik te stellen.

Nederlandse scholier ongemotiveerd?

LinkedIn blog | Claudia van Kruistum

“Nergens ter wereld zijn scholieren zo ongedisciplineerd en ongemotiveerd als in Nederland,” berichtte de Volkskrant vorig jaar. Het bericht werd indertijd gretig verspreid en de klachten over Nederlandse leerlingen werden breed gedeeld. In een artikel in De Correspondent van vandaag wordt hetzelfde bericht aangehaald. Maar wat is ervan waar?

De strijd om data

Didactief Online | Claudia van Kruistum

Het is verleidelijk om in het kader van opbrengsten, efficiëntie en effectiviteit op grote schaal gegevens te verzamelen en te koppelen. Als onderzoeken naar deze datasets goed worden uitgevoerd, vertrekkend vanuit duidelijk geformuleerde hypothesen, kunnen ze zeer waardevol zijn voor de onderwijspraktijk. Het vraagt dan ook om moed om de moeilijke weg te bewandelen.

Wat biedt een adaptieve leeromgeving leerlingen en welke rol heeft de leraar daarin?

NRO Kennisrotonde | Full-text | Claudia van Kruistum

Onderzoek lijkt uit te wijzen dat er in potentie leerresultaat wordt behaald wanneer computers als een aanvulling op en niet als een vervanging van leerkrachtinstructie worden gebruikt. Adaptieve, digitale leeromgevingen kunnen enkele taken van leerkrachten overnemen, zoals het afstemmen van de moeilijkheidsgraad van opgaven op het niveau van de leerlingen en het geven van feedback. Er wordt echter meer leerwinst behaald als leerkrachten daarnaast differentiatiestrategieën toepassen, zoals het monitoren van de voortgang, het zoeken naar oorzaken van problemen, het gebruiken van deze informatie om aanvullende instructie te geven, en het creëren van mogelijkheden tot zelfsturing door de leerling.

Van Minecraft tot mediaopvoeding

Het jonge kind | Full-textClaudia van Kruistum

Ivan is 6 jaar en houdt van spellen, zowel echte als virtuele. Van opa leert hij dammen en van YouTube-ster Enzo Knol leert hij Minecraft spelen. Op een dag vertelt hij mij, zijn moeder, dat hij via het kanaal van Enzo Knol 300 filmpjes over Minecraft heeft gevonden en dat hij inmiddels bij filmpje 34 is. Ik vraag mijzelf af of ik ervan moet schrikken hoeveel tijd hij klaarblijkelijk achter YouTube doorbrengt – elk filmpje duurt minstens een kwartier. Maar net als bij veel ouders overheerst bij mij het gevoel dat dit zijn ontwikkeling ten goede komt. Het stimuleert bijvoorbeeld zijn fantasie en er is doorzettingsvermogen voor nodig.

Sociale relaties tussen kleuters: sociometrisch onderzoek uitvoeren

De wereld van het jonge kind | Full-text | Femke van der Wilt, Chiel van der Veen, Claudia van Kruistum

Welke kinderen liggen goed in de groep? Wie speelt met wie? Zijn er ook kinderen die buiten de groep vallen of die misschien wat minder opvallen? Kortom: hoe zit het met de relaties tussen jonge kinderen in de kleuterklas? Sociometrisch onderzoek is een manier om antwoord te krijgen op dit soort vragen. Hoe kun je zelf een sociometrisch onderzoek uitvoeren?